Moeder, waar ben je?

De expressionist August Stramm stotterde in zijn verzen en prozagedichten – net als de late Beckett – op de rand van de stilte. Ook Paul van Ostaijen liet zich inspireren door de Duitse dichter, die concentratie- en herhalingsprocédés toepaste door als het ware in kringen naar binnen te schrijven. Helaas kreeg Stramm niet de kans... Lees verder →

Benjamins immanente literatuurkritiek

Walter Benjamin (1892-1940), filosoof, historicus en essayist, vertaalde onder meer Proust en Baudelaire en ambieerde niet minder dan de grootste criticus van de Duitse literatuur te worden. Eerder dan grote filosofische vraagstukken (het ware, het goede, het schone), nam Benjamin kleine, vrij banale dingen als uitgangspunt voor zijn beschouwingen. Wat literatuurkritiek betreft, hanteerde Benjamin het... Lees verder →

Een moordgeschiedenis

Zoals algemeen geweten kende het Molussië van drieduizend jaar geleden een aantal taboes waarvan het aantasten een onvergeeflijke heiligschennis was. Taboe nummer één was de muur om het ondergronds gelegen kerkhof. Die muur was een 'onbetwijfelbaar feit', even ongenaakbaar als de lucht of de seizoenen. Ook was het strikt verboden (taboe nummer twee) het kerkhof... Lees verder →

Schijnbaar terloops

In 1936 hield Stefan Zweig in Londen een lyrische voordracht over Rainer Maria Rilke (1875-1926), waarin hij niet alleen Rilkes zuivere dichtkunst prees, maar ook zijn zuiver dichterlijk bestaan, als een volmaakte wijze van leven. Volgens Zweig, die Rilke persoonlijk kende, was geen schrijver, geen kunstenaar zo vrij als hij. Hij had geen adres, geen... Lees verder →

Charleston op de vulkaan

In 1927 ging Joseph Roth in opdracht van de Frankfurter Zeitung op audiëntie bij president Ahmed Zogu, die later koning Zog I van Albanië zou worden. De president, 'wiens blondheid als verdwaald op zijn oriëntaalse gezicht' lag, stelde de journalist enige vragen en drukte hem vervolgens op het hart dat hij van verslaggevers alleen de... Lees verder →

De laatste heilige schrijver

In 1924 pleegde Max Brod woordbreuk jegens een vriend en bewees de wereldliteratuur een onschatbare dienst. Brod zag het als zijn taak om de manuscripten van Franz Kafka te behoeden voor verdwijning, in weerwil van zijn belofte dat hij ze na Kafka's dood zou vernietigen. Brod redigeerde het handschrift en maakte er een keuze uit.... Lees verder →

Medium van de ironie

Kurt Schwitters (1887-1948), Duits avant-gardistisch beeldend kunstenaar, dichter, schrijver en publicist, gebruikte voor zijn collages al wat hij maar kon vinden: krantenpapier, postzegels, stukjes wasdoek, buskaarten, advertenties. 'Merz': zo noemde Schwitters zijn nieuwe uitdrukkingsvorm met principieel alle soorten materiaal. Het is de tweede lettergreep van Kommerz, een woord uit een advertentie die hij gebruikte voor... Lees verder →

Storm van jewelste

In De schimmelruiter (Der Schimmelreiter, 1888), een raamvertelling die zich grotendeels halfweg de achttiende eeuw afspeelt, reconstrueert de Duitser Theodor Storm (1817-1888) de legende van Hauke Haien, een ambitieuze dijkgraaf in Noord-Friesland. Storm was een vertegenwoordiger van het 'poëtisch realisme' in de literatuur. Aanvankelijk schreef hij vooral lyrisch. Naarmate hij ouder werd, kreeg zijn proza... Lees verder →

De tragedie van het mens-zijn

Geschiedenis bestaat niet uit feiten, wel uit verhalen en associaties. Niet gehinderd door grenzen of andere conventies, droeg schrijver en journalist Joseph Roth (1894 – 1939) zijn vaderland aan zijn voeten. Hij voelde feilloos aan wat mens-zijn inhoudt. Zijn reportages, romans en verhalen getuigen van een vrije, onafhankelijke, integere geest. Een gevarieerde selectie van Roths... Lees verder →

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: