De dwaaljaren van Ewout Meyster

In de jaren 1880 schreef Friedrich Nietzsche in nauwelijks drie weken tijd de openbaringen van 'Also sprach Zarathustra', waarin hij zijn alter ego, de profeet Zarathoestra, de uitgeleefde menselijke moraal ten grave laat dragen. Nu God dood is en alle zingevingsconstructies ontmanteld zijn, roept de profeet de mens op om voorbij het nihilisme te reiken,... Lees verder →

Memoires van een Odysseus zonder Ithaca

'Een man neemt zich voor de wereld in kaart te brengen. Jaren aan één stuk bevolkt hij de ruimte met beelden van provincies, koninkrijken, bergen, baaien, schepen, eilanden, vissen, kamers, instrumenten, hemellichamen, paarden en mensen. Kort voor zijn dood ontdekt hij dat door die geduldige doolhof van lijnen het beeld werd geschetst van zijn eigen... Lees verder →

Troubadour van het alledaagse

Zo grijs, zo alledaags valt het niet te bedenken of de Rus Dmitri Danilov (1969) exploreert het in proza of poëzie. Zijn werk is een onafgebroken hymne op de zelfkant van het hedendaagse Rusland. Hypnotisch afstandelijk en met kurkdroge humor smeedt Danilov autobiografisch materiaal aaneen tot literaire documentaires, waarin hij vooral de schoonheid van het... Lees verder →

Een tegenpolige vriendschap

Tijdens een maandelijkse ontvangst voor medewerkers en vrienden van de Nouvelle Revue Française, maakte de Franse schrijver Roger Martin du Gard in 1913 eindelijk kennis met de legendarische André Gide. Hij zag eruit als een clochard: uit een gekreukte boord stak een oude vogelnek waarop een slecht geschoren en wrattig gezicht rustte. De excentrieke schrijver... Lees verder →

Vrede sluiten met de doden

Vanuit zijn appartement in het Palais-Royal slaat de schrijver Emmanuel Berl zijn overbuurvrouw gade, een bleke dame die voor haar open raam een raadselachtig ritueel uitvoert: met gelijkmatige passen, geheven hoofd en kaarsrechte rug loopt ze, in kamerjas gehuld, heen en weer in de kamer. Zijn het oefeningen, is het een gebed, is ze krankzinnig?... Lees verder →

Existentiële quarantaine

Dankzij een onverwachte erfenis van een oom in Amerika kan 'de solitair' eindelijk een punt zetten achter zijn relatief korte beroepsleven en zijn oude bestaan, getekend door verveling, depressies en vluchtige escapades, vaarwel zeggen; het geluk lacht hem toe. Zijn verhuis naar een eenvoudig appartement, net buiten het centrum van Parijs, lijkt niet meteen soelaas... Lees verder →

In de schaduw van El Hacho

De opdringerige koopman begrijpt niet waarom de boer zo bruusk zijn royale bod afslaat. Wat voor plezier kan er nu beleefd worden aan dat dorre, steile land vol stenen aan de voet van El Hacho? Met de eenvoudige woorden 'zonder die bomen ben ik alleen maar een man, en dat stelt niet veel voor', stuurt... Lees verder →

Het comfort van vreemden

'Alsof er een kippenbotje in mijn strot zit.' Leonard zucht wanneer zijn goede oude vriendin Vivian vraagt hoe het leven ervoor staat. Vivian en Leonard treffen elkaar wekelijks in hun thuisstad New York en doen bijna niets anders dan wandelen en praten. Leonard is cynicus en homoseksueel; Vivian een pittige feministe, een alleenstaande 'vrouw apart'.... Lees verder →

Een perfect inwisselbaar leven

De regen daalt, zoals gewoonlijk, gestaag neer in de straten van Parijs wanneer Jean Dézert naar zijn courante eethuisje loopt voor de gebruikelijke dagschotel. Hij steekt zijn paraplu op, trekt zijn broekspijpen omhoog, steekt de straat over. Nergens maakt hij zich druk om. De sensationeelste nieuwsberichten glijden van hem af als druppels van zijn regenjas.... Lees verder →

Twee jaar en geen dag zonder boek

Meer dan honderd lezenswaardige boeken – met bijbehorende besprekingen, impressies, reflecties – later, maak ik graag nog eens de balans op. Samengevat kan ik stellen dat de voorbije twee jaar voor mij een intensieve verkenningstocht van de nuance geweest zijn en een voortdurende oefening in overgave aan literatuur en aan taal. Geruststellend is dat goede... Lees verder →

Weinigen zijn uitverkoren

Op zijn veertigste besloot de Franse schrijver, vertaler en kunstenaar Pierre Klossowski (1905-2001) in te treden bij de benedictijnen en theologie te studeren. Een late roeping. De decadente levensstijl en het antisemitisme bij de monniken deden hem spoedig uitwijken naar een ander klooster, waar hem na enkele maanden vriendelijk verzocht werd andere oorden op te... Lees verder →

Hôtel du Nord: een impressie

Vissers aan de oever van Canal Saint-Martin. Ladende en lossende vrachtschuiten. De kastanjelaars in bloei, verliefde stelletjes in het plantsoen. Al die bedrijvigheid aan Quai de Jemmapes in een Parijse volksbuurt vindt het echtpaar Lecouvreur prachtig. Hoewel geen van beiden het beroep van hoteleigenaar kent, laten ze zich niet afschrikken door het armoedige interieur en... Lees verder →

Het fabelachtige bewustzijn van Sam Shepard

De legendarische Amerikaanse acteur, regisseur en schrijver Sam Shepard stierf in 2017 aan de gevolgen van ALS. In de laatste jaren van zijn leven, stevig gekruid met drugs, drank en rock & roll, schreef hij twee bijzondere, deels autobiografische prozawerkjes. Omdat zijn spieren het lieten afweten, riep hij de hulp in van zijn oude vriendin... Lees verder →

Aanschouwelijk drijfzand

In de wintertuin staat een man, in gedachten verzonken. Hij vraagt zich af wat het einde van het einde kan zijn. Hem lijkt het ultieme afscheid geen enkele vorm van verdriet. Hij ziet een wolk, 'loodgrijs, te zwaar voor elke weegschaal'. Stemmen van vroeger weerklinken. Hoofden van overledenen trekken in een stoet voorbij. Zopas verscheen... Lees verder →

Kruispunt van kruiswegen

Vroeg in de herfst van 1902 loopt Oline met de vis die ze beneden bij de zee kocht de helling op, naar haar mooie witte huisje met de rood geschilderde deur. Oline loopt met een stok. Ze is oud, krom en vergeetachtig. Intussen heeft ze zoveel kleinkinderen dat ze de tel kwijt is en de... Lees verder →

Verhalen van voormalige mensen

Vrijwel zijn hele leven lang bleef de Poolse Rus Sigizmoend Krzjizjanovski (1887-1950) kleinbehuisd. In de Sovjet-Unie gingen vanaf de jaren 1920 speciale commissies langs de huizen om te controleren of de bewoners zich wel aan de maximaal toegelaten woonoppervlakte hielden. Krzjizjanovski situeerde de experimentele en fantastische verhalen in Autobiografie van een lijk en andere verhalen... Lees verder →

Sarajevo mon amour

In 1957 reisde Georges Perec de vrouw op wie hij verliefd was achterna naar Belgrado. Later dat jaar stapte de eenentwintigjarige student naar een uitgever met het manuscript van De aanslag in Sarajevo onder de arm. Het romandebuut werd geweigerd en raakte in de vergetelheid. Door een gelukkige speling van het lot en een helpende... Lees verder →

Dan liever thee

De Rus Dmitri Danilov (1969) smeedde in zijn novelle Zwarte en groene autobiografisch materiaal aaneen tot een soort literaire documentaire, een verhaal aan de zelfkant van de Moskouse samenleving in de vroege jaren 2000. Na de ineenstorting van een wereldmacht en de teloorgang van een levenswijze, verloren veel Russen plots alle zekerheden en ontstond de... Lees verder →

Moeder, waar ben je?

De expressionist August Stramm stotterde in zijn verzen en prozagedichten – net als de late Beckett – op de rand van de stilte. Ook Paul van Ostaijen liet zich inspireren door de Duitse dichter, die concentratie- en herhalingsprocédés toepaste door als het ware in kringen naar binnen te schrijven. Helaas kreeg Stramm niet de kans... Lees verder →

In galop het duister in

'Was het een betovering van oktober, met zijn weke en roestige bladeren, waarboven de Notre-Dame zich bleek verheft – elke steen gehouwen met de geborduurde precisie van een hermetisme – en zich spits aftekent tegen de troosteloze grijze hemel?' De ik-verteller is net ontwaakt uit een droom. De aanblik van de gargouilles op de Notre-Dame... Lees verder →

De kant van de natuur

Vier huizen rondom een fontein in de schaduw van een berg: het Provençaalse gehucht Bastides Blanches, nabij Manosque, telt dertien inwoners inclusief dorpsgek. De wind snijdt er als een scheermes. De stad is ver, de wegen zijn slecht begaanbaar. Janet, de dorpsoudste, ligt ziek te bed. Bij het washuis klinkt het gezang der vrouwen, terwijl... Lees verder →

De geest van Bonnard

Vernon, 2017. Door het raam op de eerste verdieping kijk ik de lange, aflopende tuin in. Op dit uur van de dag reflecteert het kabbelende water van de Seine het licht verrukkelijk. Ik sta in het huis waar de Franse kunstenaar Pierre Bonnard (1867-1947) het interieur en de groentinten van zijn tuin talloze malen vereeuwigde.... Lees verder →

Onmetelijk begrensd

In een afgelegen stadje in de Australische vlakte arriveert een filmmaker. Door de gesloten jaloezieën van zijn hotelkamer dringt ondraaglijk hel zonlicht binnen. De plainsmen, de traditionele bewoners van het onherbergzame gebied, treffen elkaar in de bar om theoretische gesprekken te voeren over datgene wat hun leven beheerst: de vlakte. De filmmaker luistert naar hun... Lees verder →

Als alle privacy verdwijnt

De dikke rosse is niet meer. Eva Caradec vraagt zich af op welk moment een potentiële moordenaar in een feitelijke moordenaar verandert en waarom ze zelf dit plan ten uitvoer hielp brengen. Nochtans behoort zij niet tot het soort mensen dat zich aan dieren vergrijpt. Een huis dat van ons is is de tweede naar het... Lees verder →

Benjamins immanente literatuurkritiek

Walter Benjamin (1892-1940), filosoof, historicus en essayist, vertaalde onder meer Proust en Baudelaire en ambieerde niet minder dan de grootste criticus van de Duitse literatuur te worden. Eerder dan grote filosofische vraagstukken (het ware, het goede, het schone), nam Benjamin kleine, vrij banale dingen als uitgangspunt voor zijn beschouwingen. Wat literatuurkritiek betreft, hanteerde Benjamin het... Lees verder →

Ode aan veelstemmigheid

In 1897 verzonk Paul Valéry in een lange periode van absolute stilte. Aanleiding was de existentiële crisis die hem vijf jaar eerder trof op een nacht in het huis van zijn oom en tante. Er woedde een hevige storm, bliksems spleten de hemel en een onuitgesproken liefde (voor een gehuwde vrouw uit Montpellier) verscheurde zijn... Lees verder →

Levenskunst van een lanterfanter

Zürich, circa 1900. Op een ochtend stapt een schuchtere, fatsoenlijke jongeman bij een boekhandelaar binnen en biedt zijn diensten aan. Simon Tanner stelt zichzelf met zwier voor. Onder de indruk van Simons openhartigheid, laat de oude boekhandelaar hem op proef beginnen. Amper een week later geeft Simon er de brui aan. Hij veegt zijn chef... Lees verder →

Feestelijke spraakverwarring

Heldere taal veronderstelt 'een spreker die weet wat hij wil zeggen, een aanspreekbare toehoorder, een gemeenschappelijke taal en een gemeenschappelijke ervaring van de dingen waar we over spreken'. Aldus de Franse surrealist, dadaïst en patafysicus René Daumal (1908-1944) in het voorwoord van Het drinkgelag. Een trilogie van de dorst. Als aan die voorwaarden niet voldaan... Lees verder →

Doelman zonder doel

Op een mooie oktoberochtend meent monteur Joseph Bloch, voormalig doelman, dat hij ontslagen is. Zonder eerst de tekens die daarop wijzen te verifiëren, draait hij zich om en verlaat het bouwterrein. Begint een omzwerving door een contourloze tijd en ruimte, een ontwrichtende confrontatie met de betekenis der dingen. De angst van de doelman voor de... Lees verder →

Een wrede spiegel

'Het lichaam is wakker, de ogen zijn open, maar de geest staat op het punt van ontwaken, als bij iemand die slaapt, en is op mysterieuze wijze in staat alles te doorgronden en zich in alles te verplaatsen.' Een onbestemde angst overmant de ontwakende schrijver. Een oude schoolvriend, een onbekende kracht is in aantocht. Een... Lees verder →

Orwell aan de grond

Na vijf jaar dienst bij de Indian Imperial Police in het koloniale Birma, keerde George Orwell (1903-1950) in de lente van 1928 terug naar Europa en betrok in een Parijse achterbuurt een kamer in Hôtel des Trois Moineaux: een goor en donker onderkomen voor buitenlandse arbeiders en mensen die tot eenzaamheid en armoede waren vervallen.... Lees verder →

Door geluid gelouterd

Als in een droom ziet hij honden voor zich uit rennen, in de stilte, door de kou, door de tijd. Niets dan witte lege ruimte. De honden brengen hem waar hij moet zijn. Wit in wit: een vorm die hij herkent. Hij glijdt weg, valt door de ruimte, door de tijd, hoort niets meer. 'Open... Lees verder →

Monumentale kunst van de geest

Het filosofisch-muzikale proza van Thomas Bernhard (1931-1989) lijkt wel een kluwen van geestelijke hinderlagen. Wie hem leest, moet beducht zijn op een niet aflatende aanval van taal. Menigvuldig voert het enfant terrible van de Oostenrijkse literatuur excentrieke, eenzelvige en boze protagonisten op, die een geestelijke strijd voeren tegen zowat alles en iedereen. Balancerend op de... Lees verder →

Dans, kleine man, met het leven!

Aan de literatuur heeft Belmiro zijn redding te danken. Het was de dag voor Kerstmis, 1934, toen Belmiro aantekeningen begon te maken voor zijn memoires. In een kroeg in Belo Horizonte voerde een groep vrienden – intellectuelen, revolutionairen, filosofen en literatoren – een verhitte discussie. Belmiro hield zich zoals gewoonlijk afzijdig. Een faustische onrust woedde... Lees verder →

Aan de bosrand

Bijna onzichtbaar, hand in hand, lopen twee oudjes aan de bosrand, in het grensgebied tussen de habitats van het wilde dier en de geciviliseerde mens. Heel zichtbaar: twee witte katten. Ook andere verdwaalden en verwarden, habitués van de schemering, houden zich hier op. De verdierlijkte mens en het half gedomesticeerde dier ontmoeten elkaar en overschrijden... Lees verder →

Boekendienaar zint op wraak

Luttele minuten na consumptie van onheilstijdingen in de krant, vergezeld van een glas witte wijn op zijn dierbaarste caféterras, beschuldigt een boze man Boekendienaar ervan zijn paraplu te hebben ontvreemd en wijst daarbij een zwart-wit regenscherm aan, achteloos bengelend aan de rugleuning van Boekendienaars stoel. Met zwaaiende wijsvinger waarschuwt de boze man dat hij met... Lees verder →

De bloedneus van Boekendienaar

Een bloedneus overkomt Boekendienaar wel vaker wanneer hij op stap is. Zeker wanneer hij onderweg een ijshoorntje eet en onmiddellijk daarna een heuvel beklimt. Zo gebeurde vandaag bij de beklimming van de Kantienberg richting Sint-Pietersabdij. In de boomgaard palend aan het historisch pand mag Boekendienaar graag verwijlen op herfstige dagen. Liefst eet hij er een... Lees verder →

Boekendienaar flaneert

Boekendienaar is een flaneur. Althans dat verbeeldt hij zich wanneer hij getooid met sjofele hoed en gepommadeerde snor in zijn beige linnen pak de boulevard op wandelt. Stroomopwaarts kuiert hij de zomerse dag tegemoet en laat zich meedeinen op het ritme van wandelaars en vaarders. Nu en dan houdt hij blijmoedig halt aan de oever... Lees verder →

Een gombrowicziaanse dag voor Boekendienaar

Licht aangeschoten zit Boekendienaar met zijn smoel in zijn handen aan een hoekige tafel bij een glas Pouilly-Fuissé gombrowicziaans te wezen. Knorrig door de hitte aanschouwt hij de wereld om zich heen. Die wereld ziet er kunstmatig, theatraal uit. Bevangen door weerspannigheid weigert Boekendienaar zich heden aan conventies te houden. Ostentatief poot hij zijn stoel... Lees verder →

Fuga in woord en beeld

Majestueuze klanken golven door de ruimte. Naar een orgelconcert luisterend in een vaal verlichte kloosterkerk, denk ik aan De andere naam. Septologie I-II, de zopas vertaalde roman van de Noorse schrijver Jon Fosse (1959). Terugkerende tonen vermengen zich met het onaardse licht en de repetitieve bewoordingen in Fosses werk. Beelden komen tevoorschijn, krijgen contouren, verveelvoudigen... Lees verder →

Verbloemd kwaad

In de jaren dertig van de vorige eeuw leidt Jean Genet (1910-1986) een zwerversbestaan en een dievenleven. Dankzij de tussenkomst van Cocteau, Sartre en andere invloedrijke Franse schrijvers ontsnapt hij aan een levenslange gevangenisstraf en begint in 1945 het grotendeels autobiografische Dagboek van een dief te schrijven. Hij is vijfendertig jaar oud, rijk en vermoeid.... Lees verder →

De pijngrens voorbij

Thomas Meerman ligt met hoge koorts in bed. Al jaren droomt de zieke schrijver van 'het ideale, niet-gebeurende verhaal, een verhaal als talloze, uit een hoge hoed getoverde, nergens heen lopende konijnen'. Hij ijlt. En jawel, uit zijn koortsdromen springt zo'n konijn tevoorschijn, in de vorm van een obsessie voor Leonie en Jitka, de twee... Lees verder →

Een bord linzen en beren op de weg

Meer mensen dan hij in tijden zag, zijn vanmiddag in zijn appartement langsgekomen. Gelach, felicitaties. Mensen die hij niet kende, schudden hem de hand. Als hij het goed begrijpt, waren ze er omwille van een onderzoek dat hij vroeger zou hebben uitgevoerd in een natuurkundig laboratorium en dat nu blijkbaar een toepassing heeft gevonden die... Lees verder →

De onbeteugelde avonturen van Boekendienaar (VII)

De ideale bibliotheek, zeshoekig met een hoek af, is traditioneel en vooruitstrevend, overzichtelijk en labyrintisch, vol en leeg, open en gesloten, nederig en oneerbiedig, vertrouwd en bevreemdend, fundamenteel en overbodig, te groot en te klein, volmaakt en onaf, onrustwekkend en geruststellend, hoffelijk en provocerend, een wensdroom en een absolute nachtmerrie. De ideale bibliotheek is als... Lees verder →

Het beste van 2019

Binnenkort zullen de eindejaarslijstjes ons overspoelen! Daarom selecteer ik graag nu reeds – uit de zesenzestig boeken die ik dit jaar las – tweeëntwintig memorabele titels, die ik u vurig aanbeveel. 1. Dodeneiland van Gerhard Meier 'Bij aanvang van de wandeling heeft Baurs verhaal veel weg van een impressionistische aquarel; gaandeweg neemt het de vorm... Lees verder →

De onbeteugelde avonturen van Boekendienaar (IV-VI)

Alle boeken die hij ooit gelezen heeft, razen door Boekendienaars geest. Met een onvergelijkelijke tegenwoordigheid van geest draait hij zich om en schopt zijn rechterbeen met kracht naar voren. Wonderwel past het been net in de opening die de automatisch sluitende deur van de nooduitgang hem nipt gunde. 'Gered!' fluistert onze held. Dient gezegd dat... Lees verder →

De onbeteugelde avonturen van Boekendienaar (I-III)

I Wie in een bibliotheek werkt, ontwikkelt na verloop van tijd hoe dan ook vreemde gedragingen. Dat kan gaan van afwijkende gewoonten, over hardnekkige obsessies tot markante tics. Om u daar iets levendigs bij voor te stellen hoeft u maar te denken aan voorkomen, persoonlijkheid en werk van gewezen schrijvers-bibliothecarissen als Alberto Manguel, Jorge Luis... Lees verder →

Ecce angelus

'En kri, mijne heren! En kra!' Het koor herhaalt: 'En kra!' Tijdens een dodenwake op Martinique geeft een hindoe in het creools een verhaal ten beste. Gefascineerd luistert een vreemdeling naar de voor hem onverstaanbare vertelling. Het bedwelmende ritme en de exotische setting doen hem terugdenken aan zijn ontmoeting met Khadija, toen hij ten tijde... Lees verder →

Driewerf mens

Juraj Hordubal heeft het spreken verleerd. Acht jaar lang heeft hij zich in Amerika in het zweet gewerkt om vrouw en kind een beter leven te bieden. Hafia moet nu elf zijn. Naarmate Hordubal de helling naar zijn dorp Kriva afdaalt en de bimbam van koeienbellen hem tegemoet waait, gaat zijn koffertje zwaarder wegen. Hordubal... Lees verder →

Moment op schaal

Na dertig jaar trouwe dienst gaat de potloodslijper van Ikea met pensioen. In Zo zie je alles, de jongste roman van de Nederlandse dichter-schrijver Donald Niedekker (1963), wil de ik-verteller zijn collega's verrassen met een miniatuurmodel van de Ikea-vestiging in Groningen, compleet met kassa's, klaphekken, diepvriezers en barcodelezers. In de boerderij van zijn overleden ouders... Lees verder →

Salto mortale

    Een avond van triomf: provocerend uitgedost in een nauwsluitend rood pak bezaaid met sterren, klimt een koorddanser op het stalen koord. Hij is als een Narcissus die, wars van kritiek en oordeel, aan zichzelf verschijnt. In een wreed spel met de dood (een danse macabre) verandert de acrobaat in een stierenvechter. Zijn sprongen:... Lees verder →

Teste, demon van de mogelijkheid

Meneer Teste, een onopvallende, zwijgzame figuur van een jaar of veertig, observeert voortdurend. Hij is een verlichte geest die gevoelens noch verlangens kent; hij oordeelt niet, hoeft zelfs niet te praten om zijn omgeving nederig te stemmen. Teste kan niet anders dan imponeren want hij lijkt erin geslaagd wetten van de geest te ontdekken die... Lees verder →

Een echo van IJsland

Een afgelegen huis in de fjord. Een zwijgende, componerende echtgenoot. Een immer zingende dochter vol vragen. Hoe leef je, hoe leef je samen, hoe geef je leven door op een eiland met onvoorspelbare getijden, waar dag en nacht een half jaar duren, verhoudingen ontdaan zijn van schijn en theatraliteit? Met Winter-IJsland publiceerde de Nederlandse schrijfster... Lees verder →

Fijngevoelige gruwel

Dwars door de velden gaat de gek recht op zijn doel af. 'Het was ook hoog tijd dat ze hem hadden vrijgelaten, anders had hij ze allen omgebracht, allemaal samen.' De portier heeft zopas voor hem de grote ijzeren deur geopend en met zijn spullen op de schouders zet hij er nu de pas in,... Lees verder →

Door de ogen van de coyote

Een man loopt door een stad. Hij heet Walker, de stad New York. We schrijven 1946. De stad is een kluwen van lijnen, recht en diagonaal. Een stenen doolhof. De man ziet alles in close-up, is niet in staat afstand te nemen. Walker is veteraan en op de dool. Hij kan niet terug naar het... Lees verder →

Lof der onrijpheid

De Poolse avant-gardeschrijver en criticus Witold Gombrowicz (1904-1969) was een eenling, oorspronkelijk denker en baldadig schenenschopper. Hij leidde een nomadisch en turbulent leven, emigreerde net voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog naar Argentinië om vierentwintig jaar later terug te keren naar Europa en zich voorgoed te vestigen in het Zuid-Franse Vence. Spanning tussen ernst... Lees verder →

Goethe gefileerd

Behalve schrijver, essayist, film- en documentairemaker was Georges Perec (1936-1982) een meester in literaire experimenten. Zo schreef hij onder meer een palindroom van maar liefst vijfduizend letters en een hele roman waarin de letter e niet één keer werd gebruikt (La disparition; ’t Manco). Samen met Raymond Queneau en Italo Calvino maakte Perec deel uit... Lees verder →

Liefde in tijden van afwezigheid

  1929. Sinds een maand verblijft Sandu in Parijs. De zon is net ondergegaan in de Jardin du Luxembourg. Sandu is bijna volmaakt gelukkig. Thuis, in Boekarest, heeft hij Irina achtergelaten die van hem houdt. Plichtsgetrouw schrijft hij haar. Wanneer op een dag haar brieven uitblijven, verandert Sandu's onverschilligheid in grote bezorgdheid. Anton Holban (1902-1937)... Lees verder →

Om de doden te doen lachen

Gordon Koem loopt door het puin van zijn verwoeste stad. Het landschap slaat nergens meer op. Alsof de Kolos van Goya hier op doortocht was. Geen gebouw staat nog overeind. Alles is met een laag as bedekt; daaronder grauwzwarte, kleverige pek. Er zouden ultrakrachtige wapens van de laatste generatie en napalm ingezet zijn. Bijna ziet... Lees verder →

Jarig!

Een jaar geleden zag Geen dag zonder boek het levenslicht. Zeventig recensies en bijna zesduizend leesbezoekjes (zeggen de statistieken) later, kijk ik met fierheid even op en om. Een productief jaar was het zeker. Zoeken naar het beste wat de literatuur te bieden heeft, is nog steeds mijn missie. Nog steeds lees ik elk boek... Lees verder →

Beste boek van ’t jaar! Aquarel tapijt symfonie

Op een gure, Turner-achtige herfstdag in 1977 wandelen twee heren langs de Aare door het Zwitserse stadje Amrain. Ze lopen door rustige straten met jugendstilhuizen en tuinen vol bloeiende rozen, langs woonblokken en treinsporen. Baur en Bindschädler, zo heten de heren, doorkruisen parken, steken bruggen over, dalen trappen af. Hun wandeling, de hele omgeving, is... Lees verder →

Een veelvoud aan zielen

Toen ik in 1991 als Erasmusstudent enkele maanden in Lissabon verbleef, kende ik Fernando Pessoa (1888-1935) slechts van naam en een enkel gedicht. Zijn zittende standbeeld aan café A Brasileira intrigeerde me; zijn naam klonk in het Portugees bijna zo mooi als een fado. Ontvankelijk voor 'saudade', sloot ik de mysterieuze figuur in mijn hart... Lees verder →

Te woelig voor woorden

Voor de kust van Bretagne ligt een eiland, zo klein dat de inwoners er voortdurend op elkaars lip zitten, maar gezegend met een perfect microklimaat, een hoog jodiumgehalte en spectaculaire getijden. Voor de faunachtige Gilles is dit het beloofde land. Met zijn zevenenveertig katten betrekt hij er voor de zomer een woning tussen de rotsen,... Lees verder →

Ook verhalen kunnen verdwalen

De geur van perenbloesem naast een rottend lijk. Een idyllische liefde te midden van onnoemelijke wreedheid. Een scherp, glashelder inzicht in een contourloze wereld. Verdwaald is een bevreemdende kluwen van achttien verhalen, een zoektocht naar de maat der dingen, waarin de Nederlandse schrijver en dichter Wiljan van den Akker (1954) grenzen neerhaalt en droom, mythe,... Lees verder →

Een moordgeschiedenis

Zoals algemeen geweten kende het Molussië van drieduizend jaar geleden een aantal taboes waarvan het aantasten een onvergeeflijke heiligschennis was. Taboe nummer één was de muur om het ondergronds gelegen kerkhof. Die muur was een 'onbetwijfelbaar feit', even ongenaakbaar als de lucht of de seizoenen. Ook was het strikt verboden (taboe nummer twee) het kerkhof... Lees verder →

Schijnbaar terloops

In 1936 hield Stefan Zweig in Londen een lyrische voordracht over Rainer Maria Rilke (1875-1926), waarin hij niet alleen Rilkes zuivere dichtkunst prees, maar ook zijn zuiver dichterlijk bestaan, als een volmaakte wijze van leven. Volgens Zweig, die Rilke persoonlijk kende, was geen schrijver, geen kunstenaar zo vrij als hij. Hij had geen adres, geen... Lees verder →

Het nut van modder en moraal

Herder Tityrus leidt een rustig leventje in de veenderijen. Tityrus is een eenling en een gelukkig man. Hij aanvaardt de dingen zoals ze zijn en neemt er genoegen mee naar de moerassen te staren. Op zijn ochtendlijke tochtjes bestudeert hij de flora, 's avonds reflecteert hij en schrijft in zijn dagboek. Aan reizen heeft hij... Lees verder →

Charleston op de vulkaan

In 1927 ging Joseph Roth in opdracht van de Frankfurter Zeitung op audiëntie bij president Ahmed Zogu, die later koning Zog I van Albanië zou worden. De president, 'wiens blondheid als verdwaald op zijn oriëntaalse gezicht' lag, stelde de journalist enige vragen en drukte hem vervolgens op het hart dat hij van verslaggevers alleen de... Lees verder →

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: